Goedgekeurde zitplaatsen
in de Camper


Bij het bouwen van campers komen naast de inrichtingseisen bijna altijd de (extra) zitplaatsen ter sprake meestal in de vorm van een slaapbank. BasCampers heeft er voor gekozen om bij de behoefte aan extra zitplaatsen te kiezen voor goedgekeurde zit/slaap banken van de Duitse topfabrikant Reimo en het Britse Vamoose (Bedrock).

Reimo levert een grote variatie aan goedgekeurde slaapbanken. Zo bestaat er de Variotech 3000 slaapbank die te verkrijgen is in breedtes van 1.10 meter (minimale eis) tot bijna 1.40 meter. Deze zit/slaapbanken kunnen zowel vast in de camper als op rails gemonteerd worden. Door montage op rails zijn maar liefst 5 zitposities mogelijk en zijn naar wens de laadruimte of leefruimte te vergroten tot een lengte van maar liefst 1.60 meter.

De Bedrock slaapbank van Vamoose kent een zeer goede prijs kwaliteit verhouding. Deze slaapbank is in een vaste opstelling leverbaar en is geschikt voor 2 personen.

Er is al een RDW goedgekeurde slaapbank vanaf €3945 inclusief montage.

Regelgeving (goedgekeurde) zitplaatsen in de camper:



Inrichtingseisen volgens de Regeling voertuigen (Bron: RDW)

De Regeling Voertuigen stelt de volgende eisen aan een kampeerwagen:

  • In het voertuig moeten zitplaatsen en een tafel aanwezig zijn. De tafel mag eventueel zijn weg te halen.
  • Er moet een bed aanwezig zijn. Dit bed kunt u eventueel maken met behulp van de zitplaatsen.
  • Er moet een kookgelegenheid aanwezig zijn.
  • Er moeten mogelijkheden zijn om spullen op te bergen.
  • Deze voorzieningen moeten vast in de woonafdeling zijn bevestigd.

Inrichtingseisen (kampeerauto/camper) (Bron: Belastingdienst)

De binnenruimte moet een rechthoekig blok kunnen bevatten met een hoogte van minimaal 170 cm over een lengte van minimaal 200 cm en over een breedte van minimaal 90 cm. De binnenruimte is de ruimte achter de bestuurders- en bijrijderszitplaats, waarbij de stoelen in de achterste stand staan. De binnenruimte van uw kampeerauto moet voorzien zijn van:

  • Minimaal 2 vaste zitplaatsen. Dit mogen draaibare zitplaatsen zijn voor de bestuurder en bijrijder.
  • Een vaste tafel. De tafel mag zo bevestigd zijn dat u die eenvoudig kunt verwijderen.
  • Slaapplaatsen voor minimaal 2 personen Dit mogen slaapplaatsen zijn die u met behulp van de zitplaatsen maakt. Maar niet met de zitplaatsen voor de bestuurder en de bijrijder. De minimale afmetingen van de slaapplaatsen zijn:
    • bij een tweepersoonsslaapplaats: minimaal 180 cm lang en minimaal 110 cm breed.
    • bij 2 of meer afzonderlijke slaapplaatsen: minimaal 2 slaapplaatsen zijn minimaal 180 cm lang en minimaal 60 cm breed.
  • Minimaal 2 vaste en afsluitbare opbergfaciliteiten.
  • Een vast keukenblok bestemd voor gebruik in de binnenruimte. Het werkblad is minimaal 60 cm hoog, voorzien van een ingebouwde (uitneembare) watervoorziening met een spoelbak, een kraan en een afvoer.
  • Eeen vast ingebouwde kookgelegenheid bestemd voor gebruik in de binnenruimte. Dit mag een vaste magnetron zijn die stroom krijgt door een energiebron die in de kampeerauto aanwezig is.

Afwijkende hoogte:

Het kampeerautotarief kan ook worden toegepast als de binnenruimte een hoogte heeft van 130 cm. Het dak moet dan zijn voorzien van een (uitklapbare) permanent aangebrachte gesloten dakconstructie waardoor de binnenruimte kan worden verhoogd tot ten minste 170 cm over een lengte van ten minste 100 cm en een breedte van ten minste 90 cm. Dit geldt alleen als de kampeerauto ook aan alle andere inrichtingseisen voldoet.

Wanneer aan de binnenkant van de binnenruimte materialen zijn aangebracht tegen de wanden, de vloer of het plafond, wordt voor de beoordeling van de vraag of de binnenruimte voldoet aan de vereiste afmetingen uitgegaan van de verkleinde ruimte. Dat geldt voor zowel het blok van 170 x 200 x 90 cm als voor het blok van 130 x 200 x 90 cm.

Om in aanmerking te komen voor een camperkenteken (RDW) en het bijzonder tarief (Belastingdienst) volstaan dus de, van fabriekswege reeds aanwezig zitplaatsen in het cabine gedeelte van het voertuig al dan niet draaibaar gemaakt.

Extra zitplaatsen op kenteken

Wil men meer personen kunnen vervoeren dan waarin het voertuig oorspronkelijk was voorzien dan moeten extra zitplaatsen worden bijgeplaatst. Men krijgt dan, op een aantal uitzonderingen na, te maken met de volgende regels:

  • Bij campers met een eerste toelatingsdatum tot en met 31-12-1998 gelden nagenoeg geen regels voor de constructie en mogen meestal alle zitplaatsen worden gebruikt tijdens het rijden.

  • Campers met een eerste toelatingsdatum tussen 31-12-1998 en 21-7-2012 mogen voorzien zijn van naar voren, naar achteren én/of zijdelings gerichte zitplaatsen. De naar voren en naar achteren gerichte zitplaatsen moeten voorzien zijn van goedgekeurde gordels die bevestigd zijn aan deugdelijke of goedgekeurde bevestigingspunten. Zijdelingse zitplaatsen mogen niet voorzien van gordels. I.v.m. de risico’s op letsel bij een aanrijding is het ook niet aan te raden om deze te plaatsen. De krachten op het lichaam zijn immers wezenlijk anders dan bij een voorwaartse of achterwaartse gerichte zitplaats.

    Om de zitplaatsen als goedgekeurde zitplaatsen op kenteken te krijgen moeten ze van fabriekswege aanwezig zijn óf op een deugdelijke (door de RDW te beoordelen) manier in het voertuig bevestigd zijn. Daarnaast moeten de bevestiging, de constructie en de vorm van de zitplaatsen voldoen aan de 74/408/EEG norm. Bij voorwaarts en achterwaarts gerichte zitplaatsen is de "deugdelijke bevestiging" vaak een punt van discussie omdat hierbij ook de krachten op de gordels en hun bevestigingspunten bekeken worden. In de praktijk kan de sterkte van de constructie en de gordelpunten alleen afdoende worden aangetoond door middel van een Europees goedgekeurd testrapport, een fysieke (trek)test of een uitgebreide sterkteberekening. De laatste twee zijn zeer kostbaar en voor een particulier praktisch onuitvoerbaar.

  • Voor campers met een eerste toelatingsdatum van ná 21-7-2012 zijn de regels nog meer aangescherpt. Zijdelingse zitplaatsen zijn niet meer toegestaan en de overige zitplaatsen moeten vanaf 1-7-2014 voldoen aan de strenge ECE R14, R16 en R17 normen. Uitgangspunt zijn hierbij de volgende wetgevingen:

    ECE R14 (Eisen aan de gordelbevestigingspunten)
    ECE R16 (Eisen aan de gordels)
    ECE R17 (Eisen aan de zitplaats)

    De RDW zal alleen zitplaatsen toekennen in moderne voertuigen als aan bovenstaande richtlijnen is voldaan middels testen of anderszins aantoonbaar gemaakt kan worden dat aan deze richtlijnen voldaan kan worden. In de praktijk zal dat op het volgende neerkomen:

    1. Men bouwt een originele (door voertuigfabrikant geleverde) zitplaats in op originele bevestigingspunten óf bouwt deze originele bevestigingspunten achteraf in met officiële goedkeur van de fabrikant. (Sommige voertuigen zijn namelijk van fabriekswege voorbereid).
    2. Men bouwt een ECE R14, R16 én R17 goedgekeurde zitplaats in van een onafhankelijk fabrikant. Deze moet voorzien zijn van een Europees goedgekeurd testrapport waaruit blijkt dat de bevestiging ervan is getest in combinatie met het voertuig waarin deze is geplaatst. De montage moet exact volgens de richtlijnen in het testrapport worden voltooid.
    3. Men bouwt een andere zitplaats in en onderbouwt middels berekeningen dat deze voldoet aan de ECE R14, R16 en R17 norm én dat deze voldoende stevig bevestigd is in het voertuig (zie overheidsnorm).

    Deze huidige eisen zijn dermate streng dat het jarenlange research en ontwikkeling vergt om de bijbehorende testen te doorstaan. Er is dan ook maar een klein aantal fabricanten dat deze zitsystemen kan leveren.